IVO Rotterdam

Nieuwe Verslavingen

/ Werkterreinen / Internet / Projecten 

Nieuwe Verslavingen

Download hier de eindrapportage: Nieuwe Verslavingen in Zicht.

Opdrachtgever
Ministerie van VWS

Doelstelling
Het in kaart brengen van nieuwe vormen van verslaving, zoals internetverslaving en het gebruik van nieuwe middelen.

Vraagstelling & onderzoeksopzet
Als eerste wordt een inventarisatie gedaan naar nieuwe vormen van verslaving. Hiertoe worden verslavingszorginstellingen, GGZ instellingen en de eerstelijnszorg (huisartsen, maatschappelijk hulpverleners) telefonisch benaderd en gevraagd welke vormen zij in de praktijk tegenkomen. Verder wordt hen gevraagd wat zij doen wanneer ze nieuwe vormen tegenkomen; worden mensen met nieuwe vormen van verslaving doorverwezen, weggestuurd, of behandeld? En hoe ziet zo’n behandeling er uit, en is deze effectief?

In het tweede deel van het onderzoek wordt de prevalentie van nieuwe verslavingen gemeten. Hiervoor wordt een online panel van CentERdata geraadpleegd dat representatief is voor de Nederlandse bevolking. De resultaten uit deze enquête geven aan in welke mate nieuwe vormen van verslaving voorkomen in Nederland.

Resultaten & Conclusies
Uit de interviews met de instellingen bleek dat twee “nieuwe” soorten verslaving de laatste jaren de kop op hebben gestoken in Nederland, te weten GHBverslaving en internetverslaving. Hierbij moet worden opgemerkt dat internetverslaving een containerbegrip is – in de praktijk gaat het vaak om gameverslaving of seksverslaving die via het internet gefaciliteerd wordt. Uit de enquête blijkt dat de prevalentie van GHB- en internetverslaving onder de Nederlandse bevolking relatief laag is; bijna één procent is internetverslaafd en niemand uit het panel is GHBverslaafd. Hoewel de omvang van de aan de twee nieuwe verslavingen gerelateerde hulpvraag vooralsnog gering is en in het niet valt bij bijvoorbeeld de hulpvraag gerelateerd aan alcoholmisbruik of opiaatgebruik, verwachten de medewerkers van de instellingen dat het wel degelijk om twee substantiële vormen van verslaving gaat die niet van tijdelijke aard zijn.

Belangrijk aspect binnen het onderzoek was de vraag of de reguliere verslavingszorg open staat voor cliënten met een andere dan gebruikelijke zorgvraag. Uit de interviews blijkt dat de (verslavings)zorg in principe openstaat voor verslavingsproblemen van welke aard dan ook. Daarnaast worden op dit moment op veel plaatsen projectgroepen samengesteld om met bijvoorbeeld gameverslaving om te gaan. Aparte registratie van deze nieuwe verslavingen lijkt wenselijk.


Onderzoeksteam
Gert-Jan Meerkerk (onderzoeker), Tony van Rooij (onderzoeker), Serina Amadmoestar (onderzoeksassistent) en Tim Schoenmakers (projectleider)