Verslag IVO Kino: RABOT

Januari 2019
Contactpersoon: Thomas Martinelli en Cas Barendregt

Op 15 januari vond de vijfde editie van IVO Kino plaats rondom de Vlaamse documentaire RABOT (2017) van Christina Vanderkerckhove. Voor het nagesprek hadden we Joke van der Zwaard (onderzoeker en schrijver), Alexander Hogendoorn (mede-initiatiefnemer Zorgvrijstaat) en Jalmar van Bodegom (Kespercollege, Horizon) in ons panel.

RABOT vertelt het verhaal van drie hoogbouw flats uit de jaren 70 die tegen de vlakte moeten. De meeste bewoners zijn al verhuisd. Regisseur Christina Vanderkerckhove documenteert het dagelijks leven van een aantal van de laatste bewoners van een van de woontorens. Op een gestileerde en aangrijpende manier belicht de documentaire een kant van de maatschappij die eraan gewend is om in de schaduw te staan.

Bij het IVO riep RABOT meteen de vraag op of soortgelijke situaties ook in Nederland voorkomen. En zo ja, welke vraagstukken voor zorg en beleid hieraan zijn verbonden. Wie heeft bij een dergelijke grootschalige ontmanteling de regie over de zorg en het verhuizen van de kwetsbare bewoners? Deze kwesties zijn blijvend actueel. In de grotere gemeenten zijn altijd wel sloop/nieuwbouw projecten te vinden waarbij deze kwesties spelen.

RABOT laat een scala aan kwetsbaarheden zien die verklaren waarom de laatste bewoners nog niet vertrokken zijn. Armoede lijkt de rode draad te zijn, maar is niet los te koppelen van psychische problemen, verslaving, trauma, eenzaamheid en vervreemding.

Panel

Het panel is onder de indruk van de documentaire, maar ook kritisch. Volgens hen is het logisch dat je in deze eindfase zoveel kwetsbaarheid ziet. En er wordt vermoed dat sommige van de geportretteerden juist in deze flat (tijdelijk) zijn gehuisvest vanwege hun (verslavings)problematiek. Bovendien, de wijk Rabot in Gent is groter dan de drie torenflats. Het is een levendige wijk met veel sociale samenhang.

Toch nodigt RABOT uit om na te denken over de leefwereld van kwetsbare bewoners en wat er nodig is om vereenzaming en vervreemding aan te pakken. De sleutel zit in “community building” of in beter Nederlands: opbouwwerk. Want hoewel individuele hulpverlening nodig is, bijvoorbeeld om schulden aan te pakken of psychische problemen te behandelen, is je onderdeel voelen van je dagelijkse omgeving ook essentieel. De Zorgvrijstaat, waar panellid Alexander Hogendoorn deel van uitmaakt, is een voorbeeld van een netwerk van bewoners en professionals die “omzien naar elkaar” en proberen samen collectieve (wijk)voorzieningen op te zetten. Net als Leeszaal West dat met zo’n 100 vrijwilligers, inmiddels beroemd in heel Rotterdam, een open en verbindende plek in de wijk vormt. Initiatiefnemer Joke van der Zwaard merkt op dat iemand die we vanuit beleidsperspectief kwetsbaar noemen, bijvoorbeeld vanwege hoge schulden, daar niet alleen door wordt gedefinieerd. “Een persoon is meer dan de optelsom van zijn problemen.” En het zijn juist die ‘hele’ personen die samen een ‘community’ vormen.

Conclusie

Tot slot concluderen we dat verbinding maken niet vanzelf gaat. Het vergt inspanning en een lange adem. RABOT is gemaakt in een periode van drie jaar waarin Vandekerckhove intensief research deed. Niet alleen om te weten te komen wat ze wel en niet wilde filmen maar juist ook om kennis te maken en vertrouwen te winnen. Ook in het gesprek met het panel en de zaal bleek dat juist bij kwetsbare bewoners het nodig is om te investeren in relatieopbouw. Tegelijkertijd is het ook nodig de fysieke omgeving te blijven onderhouden en daarin ruimte (letterlijk) te creëren die ontmoeting mogelijk maakt.

Lees ook

Interview met regisseur Christina Vandekerckhove over haar documentaire Rabot

2019-01-23T18:03:18+02:00